3D medical background with DNA strands
3D medical background with DNA strands
3D medical background with DNA strands

De antwoorden op veelgestelde vragen. Klik op de tabbladen voor de verschillende onderwerpen:

Vergoeding

Wanneer en hoe worden de vergoedingen CPCT-02 uitbetaald?

Elke maand na verloop van een kwartaal stellen wij declaratieoverzichten per centrum op. We kennen een vergoeding toe als we hebben kunnen vaststellen dat de data juist en volledig in eCRF zijn ingevoerd. De declaratieoverzichten sturen we aan de lokaal PI met een uitleg hoe te factureren.

Algemeen

Mag je een biopt afnemen van de primaire tumor?

Wij verzamelen bij voorkeur biopten van een metastase of van een lokaal vergevorderde tumor. In het geval van gemetastaseerde ziekte met een primaire tumor die makkelijker en met minder risico toegankelijk is voor biopsie, is het bij uitzondering toegestaan om een biopt van de primaire tumor in te sturen.


Is er een Engelstalige patiëntinformatie (PIF) beschikbaar?

Nee, jammer genoeg niet. Voor nu kunnen we alleen patiënten includeren die de Nederlandstalige PIF begrijpen.


Wat doen wij als een patiënt bone only disease heeft?

Bone only is alleen toegestaan bij patiënten met prostaat- of borstkanker. Als deze patiënt bone only disease heeft, neemt u een botbiopt af. Belangrijk is dat u de patiënt goed instrueert over dit botbiopt.


Heeft een patiënt bij deelname aan de CPCT-02 studie baat bij de genetische analyse?

De komende tijd gebruiken we voornamelijk om kennis over interpretatie van ‘sequencing’-resultaten uit te breiden en de logistieke procedure te ontwikkelen. Daarnaast lopen diverse prospectieve cohortonderzoeken om nieuwe predictieve (en mogelijk prognostische) biomarkers te vinden. Natuurlijk brengen wij via de behandelend artsen de patiënten op de hoogte van de ‘sequencing’-resultaten als wij mutaties vinden en er aanwijzingen zijn dat die voorspellend (kunnen) zijn voor therapierespons. Maar nu blijven experimentele meetgegevens, die nog niet voldoen aan de validatie-eisen voor de reguliere bepalingen, in het ziekenhuis.

Inclusiecriteria
Kunnen wij ook patiënten met experimentele therapie includeren?
Patiënten die een standaard medicamenteuze behandeling ondergaan kunt u includeren als deze behandeling past binnen de huidige inclusiecriteria. Patiënten die experimentele niet-geregistreerde medicamenten krijgen, komen niet in aanmerking voor de CPCT-02 studie. Heeft u een patiënt waarbij u wilt vragen of hij/zij kan deelnemen aan de CPCT-02 studie neem dan gerust contact op met Eleonora Louwman (trialmanager): e.louwman@erasmusmc.nl.

Mogen wij patiënten zonder meetbare laesies includeren in de CPCT-02?
Patiënten moeten een meetbare laesie hebben volgens RECIST 1.1. Dit geldt niet voor patiënten met mammacarcinoom of prostaatcarcinoom met alleen botmetastasen. Zij mogen ook zonder meetbare laesies worden geïncludeerd, deze patiënten dienen via een tumormarker opgevolgd te worden.

Hoe kan ik een patiënt verwijzen voor de CPCT-02 studie?
U kunt een patiënt via de standaardverwijsroute met als specifieke vraagstelling ‘deelname aan CPCT-02 studie’ verwijzen naar één van de deelnemende ziekenhuizen.
eCRF

Patiënt is geregistreerd, maar heeft geen patiënten-informatiebrief getekend, wat moet ik doen?
Allereerst dit had niet mogen gebeuren! Een patiënt mag pas geregistreerd worden in ALEA als deze een informed consent heeft getekend. Mocht dit toch per abuis gebeuren meldt dit dan direct bij Centraal Datamanagement. Het betreffende eCRF dossier van dit subjectnummer zal verwijderd moeten worden.


Patiënt is per abuis twee keer geregistreerd, door mijn collega en mijzelf. Wat moet ik doen?
Graag direct contact opnemen met Centraal Datamanagement. Het eCRF dossier van het laatst toegekende subjectnummer zal verwijderd moeten worden. Alle gegevens van de patiënt dienen onder het eerste subjectnummer ingevuld te worden.


Een biopt blijkt niet evalueerbaar volgens Hartwig Medical Foundation (HMF), moeten de gegevens rondom dit biopt wel ingevoerd worden in het eCRF?
Ja. Wanneer een biopt naar HMF is verstuurd dienen de gegevens van dit biopt altijd in het eCRF ingevoerd te worden. 1 Bioptafname = 1 Biopt-formulier in het eCRF. Ook wanneer het biopt (achteraf) niet evalueerbaar blijkt te zijn.


Hoe vaak moet ik het eCRF bijhouden?

Informatie dient binnen 1 maand nadat deze informatie beschikbaar is gekomen ingevoerd te worden in het eCRF, dit is bijvoorbeeld na het tekenen van de informed consent, na afname van het biopt, bij start van de behandeling en na elke evaluatie. Continu beantwoorden we onderzoeksvragen met de gegevens uit de database. Dit kan alleen als de data van de patiënten goed bijgewerkt zijn. Ieder kwartaal ontvangen de PI’s een overzicht van de geïncludeerde patiënten met daarin of het eCRF voldoende is bijwerkt om vergoeding voor het afgenomen biopt uit te kunnen keren. Om tot vergoeding over te kunnen gaan dient het eCRF tot en met de eerste responsevaluatie volledig ingevuld te zijn voor evalueerbare patiënten en beperkt baseline voor niet evalueerbare patiënten.


Moeten wij een patiënt opnieuw registreren bij een herhaald biopt?

Een patiënt kan onder 1 PIF opgevolgd worden als de patiënt volgens de voorwaarden wordt opgevolgd zoals beschreven in het studymanual. Wanneer de patiënt niet voldoet aan de voorwaarden zoals beschreven in het studymanual dan graag contact opnemen met de trialmanager (zie studymanual voor contactgegevens of mail naar info@cpct.nl).


Waarom is het belangrijk dat patiënten bij inclusie METEEN in het eCRF worden geregistreerd?

Patiënten krijgen hun subjectnummer toegewezen op volgorde van registratie in het eCRF. Dit nummer correspondeert met het nummer dat hoort bij het lichaamsmateriaal dat wordt opgestuurd naar HMF. Wanneer wordt gewacht met de registratie kan verwarring ontstaan. HMF kan bijvoorbeeld een biopt ontvangen, terwijl geen verdere gegevens bekend zijn. Ook kunnen patiënten achteraf per ongeluk niet in de juiste volgorde worden geregistreerd. Het biopt wordt dan gekoppeld aan de verkeerde patiënt.


Er is een nieuwe collega die toegang voor het eCRF nodig heeft, wie kan dit regelen?

Toegang tot het eCRF ALEA kan worden toegekend door Centraal Datamanagement (CDM). Graag contact opnemen met CDM via cpctdatamanagement@nki.nl.


In het kader van de CPCT-02 studie is ooit een tumorbiopt ingestuurd van een patiënt. Van de patiënt wordt opnieuw een biopt afgenomen in het kader van de DRUP-studie. Hoe dient men om te gaan met dit biopt in het eCRF?

In het eCRF van de DRUP studie wordt gevraagd of de patiënt bekend is binnen de CPCT-02 studie. Hier moet “Yes” ingevuld worden + het subjectnummer van de patiënt binnen de CPCT-02 studie.

RECIST 1.1

Hoe vaak moet ik beeldvorming inplannen?

Zoals beschreven in het protocol van de CPCT-02 studie mogen patiënten alleen geïncludeerd worden wanneer men meetbare metastases of lokaal geavanceerde laesie(s) heeft, aan de hand van de RECIST 1.1 evaluatie criteria (of RANO criteria indien van toepassing). De baseline tumormeting (beeldvorming) is maximaal 6 weken vóór start treatment en de vervolgtumormetingen (beeldvorming) dienen vervolgens elke 8 tot 12 weken opgevolgd te worden. De tumormetingen dienen gedaan te worden volgens de RECIST 1.1. evaluatie criteria. Bij de baseline tumormeting en bij de eerste  vervolgtumormeting dient de gehele RECIST meting ingevoerd te worden in ALEA. Bij de tumormetingen die daarop volgen hoeft alleen de overall respons ingevoerd te worden in ALEA.

Uitzondering hierop zijn patiënten met borstkanker of prostaatkanker met bone-only disease, zij hoeven geen meetbare laesies te hebben.  Deze patiënten moeten wel evalueerbare ziekte hebben, botlaesies kunnen alleen gedetecteerd worden op basis van botscan (niet via CT, MRI of X-thorax) of via tumormarkers. Er dient een baseline CT scan/ MRI bij deze bone-only patiënten gedaan te worden,  in het eCRF dient RECIST “yes” aangegeven te worden aangegeven. De non-target botlaesies dienen ingevuld te worden in het eCRF bij de metingen. Daarnaast dient er aangegeven te worden dat de patient bone-only disease heeft.  Vervolgens worden deze patiënten opgevolgd middels tumormarkers. Wanneer er nieuwe botlaesies worden gevonden dient het vervolg RECIST formulier in het eCRF ingevuld te worden.

Klopt het dat ik vanaf de derde tumormeting, de meting niet meer volledig in het eCRF hoef in te vullen?

Ja, dat klopt, u hoeft alleen de baseline tumormeting en de eerste on treatment tumormeting volledig in te vullen. Vanaf de derde meting geeft u alleen aan of en op welke datum de meting is gedaan, samen met de ‘overall response evaluation’. Let op: de meting dient wel gedaan te worden aan de hand van de RECIST 1.1 criteria. Het is dan dus niet meer nodig om de target- en non-target laesies te beschrijven, nieuwe laesies dienen wel genoteerd te worden. U kunt de pagina pas submitten, nadat u twee autoqueries heeft opgelost. Dit kan via de voetstapjes in het rechtermenu, onder ‘all data items’ zijn de queries in het rood te vinden.
Let op: als u een nieuw biopt afneemt, moet u de eerstvolgende twee tumormetingen wel weer volledig invullen. Dit zijn namelijk een nieuwe baseline- en eerste on treatment-meting.


Wie is verantwoordelijk voor de RECIST-metingen?

De lokaal hoofdonderzoeker uit het betreffende centrum is verantwoordelijk voor het beoordelen van de CT/MRI aan de hand van RECIST 1.1. In samenspraak kunnen de metingen verricht worden door een radioloog, maar de hoofdonderzoeker blijft verantwoordelijk voor het juist opnemen van de metingen in het eCRF.


RECIST 1.1 – Kunnen wij meerdere laesies per orgaansysteem merken als target laesies?

Binnen RECIST 1.1. mag u slechts twee laesies per orgaansysteem merken als target laesies. Zijn er meer dan twee laesies in een orgaansysteem dan dient u de overige laesies als non-target laesies te registreren. Wees alert bij het invoeren van de RECIST-metingen dat de naamgeving van de laesies in tumormeting 1 (baseline) identiek is aan de naamgeving van de laesies in tumormeting 2 (eerste evaluatie scan).


Hoe lang moet een patiënt volgens RECIST 1.1 opgevolgd worden?

Responsevaluatie volgens RECIST 1.1 moet gedaan worden totdat een patiënt stopt met de lijnbehandeling die na bioptafname gestart is. Indien een patiënt stopt met een behandeling zonder progressie dient deze patient wel opgevolgd te worden middels respons evaluatie volgens RECIST 1.1 tot progressie. Als de patiënt met een nieuw (follow-up) biopt en een nieuwe behandellijn opnieuw gaat deelnemen in de CPCT-02 studie moet de response evaluatie volgens RECIST 1.1 herhaald worden tot het einde van die behandellijn.

Sequencing - Hartwig

Hoe kan een biopt eerst evalueerbaar zijn en vervolgens toch niet evalueerbaar?

Een biopt wordt altijd eerst gecheckt op tumorpercentage, als de hoeveelheid tumor voldoende is (meer dan 30%) dan is een biopt evalueerbaar. Dit wordt wekelijks naar de site gecommuniceerd. De patiënt dient opgevolgd te worden in het eCRF als het biopt evalueerbaar is, ondertussen wordt het biopt gesequenced bij Hartwig Medical Foundation. Bij één van de laatste checks binnen het sequencingproces bestaat er de kans dat het biopt toch niet evalueerbaar is.

Desondanks dient dit biopt wel als evalueerbaar gezien te worden; dus de patiënt wordt gewoon in het eCRF opgevolgd. De mogelijkheid bestaat dat deze biopten in de toekomst wèl gesequenced kunnen worden. Sites krijgen volledige vergoeding voor deze patiënten.


Mogen er biopten van verschillende afnamelocaties (ziekenhuis) ingestuurd worden per tijdsmoment?

Nee, dit mag absoluut niet! Biopten voor de CPCT-02 studie van één tijdsmoment, dienen vanaf slechts één afnamelocatie ingestuurd te worden naar Hartwig Medical Foundation. Wanneer er biopten vanaf verschillende locaties ingestuurd worden is dat lastig te registreren voor Hartwig Medical Foundation. Het is dan onduidelijk welk biopt bij welke afnamelocatie hoort. Daarnaast is het eCRF hier niet op ingericht.

Als er materiaal afgenomen wordt vanaf verschillende afnamelocaties dan dient dit materiaal van de andere afnamelocatie(s) achter gehouden te worden in het ziekenhuis. Mocht het materiaal vanaf de ingestuurde afnamelocatie niet bruikbaar blijkt, dan kan dit achtergebleven materiaal alsnog ingestuurd worden (mits bewaard zoals beschreven in de labmanual).


Kunnen wij ook botbiopten insturen voor sequencing?

Dat kan. Echter de kans dat tumorweefsel met succes gesequenced kan worden ligt hoger bij tumorweefsel van een andere metastase. Inclusie van patiënten met alleen botmetastasen is alleen mogelijk voor patiënten met een mammacarcinoom en protstaatcarcinoom waar de respons op therapie geëvalueerd kan worden op basis van tumormarkers.


Wat gebeurt er met het restmateriaal van een patiënt?

Hartwig Medical Foundation gebruikt in principe maar een stukje van het weefsel voor sequencing. Het overige materiaal wordt opgeslagen in de biobank en kan worden hergebruikt door onderzoekers, maar alleen als de patiënt hiervoor toestemming heeft gegeven.


Welke maat naald of stans (alleen bij huidbiopt van cutanea metastase) moeten wij gebruiken bij het afnemen van een biopt binnen CPCT-02 studie?

Het is niet verplicht om biopten met een bepaalde grootte af te nemen. Tegenwoordig maakt de grootte van een biopt minder uit door betere opwerkmethodes. Dus een groter biopt maakt de kans op genoeg tumorpercentage niet per definitie groter. De focus leggen op de zuiverheid van tumormateriaal heeft de voorkeur. Hoe hoger het tumorpercentage, hoe groter de kans dat je DNA-veranderingen zal vinden.


Is de bloedbuis nodig voor het sequencen van het biopt?

Ja, het bloed wordt namelijk gebruikt om het DNA-profiel van een patiënt te bepalen. Hiermee kan vervolgens onderzocht worden welke veranderingen in het DNA van de tumor zijn opgetreden. U hoeft de bloedbuis en het biopt niet op dezelfde dag af te nemen, maar Hartwig Medical Foundation ontvangt deze graag wel zo dicht mogelijk achter elkaar.


Moet bij afname van een herhaald biopt ook opnieuw bloed afgenomen worden (germline DNA)?

Nee, het DNA profiel van een patiënt staat vast en is bepaald aan de hand van de eerste bloedbuis.

Let op: patiënten met borst- of prostaatkanker kunnen ook deelnemen aan de optionele studie circulerend tumor DNA. Hiervoor moet bij iedere CT-scan wel een bloedbuis afgenomen blijven worden voor opslag van het plasma.


Hoe lang mogen wij de tumorbiopten van verschillende patiënten in het ziekenhuis opslaan voor deze naar Hartwig Medical Foundation gestuurd worden?

Dat mag maximaal een week. In die periode mag u tumorbiopten verzamelen, waarna u deze tumorbiopten van verschillende patiënten in één keer verstuurt naar Hartwig Medical Foundation. LET OP: de tumorbiopten dienen per patiënt per afnamemoment in een gesloten zakje, inclusief sample formulier, aangeleverd te worden.

DRUP

Kan ik een CPCT-02 biopt laten afnemen bij wijze van screening voor DRUP?

Een CPCT-02 biopt kunt u alleen afnemen, als de patiënt hierna nog reguliere systemische behandeling krijgt. Als dit niet het geval is, dan kunt u dus geen CPCT-02 biopt afnemen om te screenen voor DRUP-targets. We raden u daarom aan om patiënten tijdig voor deelname aan de CPCT-02 studie te vragen en een herhaald biopt voor de start van de laatste lijn reguliere therapie te overwegen.


Kunnen wij patiënten bij DRUP aanmelden op basis van een CPCT-02-biopt?

Ja, dat kan op basis van reguliere pathologieuitslagen of de sequencinguitslagen van een eerder CPCT-02 biopt. Stuur wel een (geanonimiseerd) sequencingrapport mee. DRUP heeft namelijk geen toegang tot de CPCT-02 database. Het is per definitie niet mogelijk een patiënt aan te melden voor beide studies.


Als bij een patiënt een CPCT-02 biopt is afgenomen, waarom moeten wij dan voor de start in DRUP een nieuw biopt afnemen?

Na afname van het CPCT-02 biopt volgt systemische behandeling, wat nieuwe DNA-afwijkingen in een tumor kan induceren. Omdat dit het totale mutatieprofiel van de tumor kan veranderen, is het nodig om voor de start in DRUP altijd een vers biopt af te nemen. Mocht een behandeling in de DRUP studie tegen verwachting niet aanslaan, hebben we de mogelijkheid om het DRUP biopt te onderzoeken op nieuwe DNA-afwijkingen die kunnen verklaren waarom er geen respons is.


Kan een patient alleen geïncludeerd worden in DRUP aan de hand van bevindingen uit het CPCT-02 rapport?

Nee, u kunt patiënten ook aanmelden op basis van moleculaire afwijkingen die u via een andere weg ontdekt. Denk aan genafwijkingen die zijn gevonden in een uitgebreider panel via de pathologie of denk aan HER2-kleuringen op tumoren anders dan borstkanker. Ook bevindingen uit assays, anders dan de sequencing zoals binnen de CPCT-02 studie en door Hartwig Medical Foundation verricht, kunt u gebruiken om een patiënt aan te melden voor de DRUP studie. Of de patiënt daadwerkelijk in aanmerking komt voor behandeling in de DRUP studie overlegt u vervolgens met het DRUP studieteam via DRUP@nki.nl.

Sub-studies

Welke patiënten komen in aanmerking voor de herhaalde bloedafnames binnen de CPCT-02 studie (ctDNA studie)?

De herhaalde bloedafnames vragen we op dit moment alleen bij patiënten met borst- en prostaatkanker, onafhankelijk van hun behandeling. Alle ziekenhuizen die deelnemen aan de CPCT-02 studie kunnen de extra bloedafnames insturen. Patiënten geven hiervoor op het informed consentformulier aan dat ze akkoord zijn met de herhaalde bloedafnames. Er dient één CellSave/Streck-buis afgenomen te worden ten tijde van alle responsevaluatie- momenten, gedurende de gehele behandeling tot en met ziekte progressie. Met dit bloed wordt er onderzoek gedaan naar circulerend tumor DNA en de mogelijke waarde hiervan als sensitieve methode om de respons op behandeling te evalueren.


Patiënt (met borstkanker of prostaatkanker) heeft toestemming gegeven om ook mee te doen aan het ctDNA studie: Wat dient er bij baseline, voor dit ctDNA studie, te worden afgenomen?
Bij baseline wordt er altijd Germline DNA afgenomen; één bloedbuis zoals aangeleverd in de labkit. Als de patiënt tevens heeft getekend voor het ctDNA studie, dan wordt dit ctDNA bij baseline uit dezelfde bloedbuis gehaald als het Germline DNA. Bij baseline hoeft er dus geen extra bloedbuis afgenomen te worden voor het ctDNA studie. Die ene bloedbuis is voldoende.


Doet ons ziekenhuis mee met de vragenlijsten in het kader van de TANGO studie?

Op dit moment is de TANGO studie alleen actief in het NKI-AVL, Erasmus MC en VUmc. Deze ziekenhuizen kunnen vragenlijsten uitgeven aan patiënten die hiervoor toestemming hebben gegeven in het PIF. Mocht u hier vragen over hebben neem dan contact op met de trialmanager via e.louwman@erasmusmc.nl.